Je hebt goede teksten, je zoekwoorden staan er netjes in, en toch komt er niets van de grond. Dan zit het probleem zelden in je woorden. Het zit in de techniek eronder: een pagina die op noindex staat, een sitemap die nog naar je oude domein wijst, of tweehonderd pagina’s zonder titel.
Een technische SEO-controle vindt dat soort dingen. De webknecht loopt de acht punten langs, met per punt wat je precies checkt en hoe vaak.
Wat dit wel en niet is
Even scherp: dit gaat niet over zoekwoordonderzoek of over betere teksten schrijven. Daarvoor heb je de prompts voor SEO en zoekwoorden. Dit gaat over de vraag of een zoekmachine je site überhaupt goed kan lezen, begrijpen en tonen.
Die twee dingen worden constant door elkaar gehaald, en dat is duur. Content optimaliseren op een pagina die niet geïndexeerd wordt, is de badkamer verven in een huis zonder dak.
De acht punten
1. Indexeerbaarheid
Kan Google erbij? Check je robots.txt op regels die te veel blokkeren, en controleer of er pagina’s op noindex staan die wel gevonden moeten worden. Dit is de klassieker na een verhuizing: de hele site staat nog op noindex omdat dat op de testomgeving zo hoorde.
2. Sitemap
Bestaat hij, staat hij in Search Console, en staan er de juiste URL’s in? Een sitemap vol redirects, 404’s of pagina’s die op noindex staan, kost je vertrouwen.
3. Eén versie van elke pagina
Je site moet op één adres bereikbaar zijn. Met en zonder www, met en zonder afsluitende slash, http en https: dat moet allemaal naar dezelfde versie leiden. Check daarnaast je canonical-tags, vooral bij categorie- en tagpagina’s die dezelfde berichten tonen.
4. Titels en beschrijvingen
Elke pagina die je belangrijk vindt, heeft een eigen titel en beschrijving. Houd ongeveer 60 tekens voor de titel en 155 voor de beschrijving aan. Zoek vooral naar ontbrekende en dubbele: twintig pagina’s met exact dezelfde titel is een signaal dat er niemand oplet.
5. Koppenstructuur
Eén H1 per pagina, daaronder H2’s, daaronder H3’s. Geen koppen overslaan en geen koppen gebruiken omdat de tekst dan groter wordt. Dit helpt ook je bezoekers, en zeker wie met een schermlezer werkt.
6. Interne links en kapotte links
Interne links vertellen Google wat bij elkaar hoort en wat belangrijk is. Zoek naar pagina’s waar niets naartoe linkt, want die staan er verweesd bij. Ruim tegelijk je dode links op, intern en extern.
7. Snelheid en Core Web Vitals
Meet het op mobiel, want daar valt het om. Grote afbeeldingen zijn de gebruikelijke schuldige, gevolgd door te veel scripts. Wat caching hierin doet staat in wat LiteSpeed Cache en Redis echt doen.
8. Structured data
Dit is de opmaak waarmee je expliciet vertelt wat iets is: een bedrijf, een product, een recept, een openingstijd. Het levert je rijkere zoekresultaten op, en fouten erin zie je in Search Console. Vergeet je bedrijfsgegevens niet als je een lokale onderneming bent.
Wat Search Console je vertelt, en wat niet
Search Console is je belangrijkste bron, en gratis. Daar zie je welke pagina’s zijn geïndexeerd, welke zijn geweigerd en waarom, en waar structured data faalt. Heb je het nog niet staan, begin dan bij Google Search Console instellen.
Wat het je niet vertelt: of je koppenstructuur logisch is, of je interne links ergens naartoe gaan, en of die ene belangrijke pagina eigenlijk een titel heeft. Dat moet je zelf nalopen. En precies dat is saai, herhaalbaar werk.
Zo laat je de controle uitvoeren
Heb je een AI met toegang tot je site, bijvoorbeeld via Invoker Link, dan is dit prima uit te besteden. Een paar opdrachten die werken:
- “Welke pagina’s en berichten hebben geen SEO-titel of beschrijving? Geef een lijst en stel per pagina een titel van maximaal 60 tekens en een beschrijving van maximaal 155 tekens voor.”
- “Zoek kapotte links op mijn site, intern en extern. Repareer de duidelijke interne gevallen en geef de rest aan mij door.”
- “Controleer of er pagina’s op noindex staan of in robots.txt worden geblokkeerd die wel vindbaar moeten zijn.”
- “Vergelijk mijn sitemap met de gepubliceerde pagina’s en meld verschillen.”
- “Loop de koppenstructuur van mijn tien drukst bezochte pagina’s na en meld waar meerdere H1’s of overgeslagen niveaus staan.”
Let op de formulering bij die eerste: voorstellen, niet invullen. Dat is bewust.
De valkuil: laat je meta’s niet blind vullen
Het is verleidelijk om in één opdracht alle ontbrekende titels en beschrijvingen te laten schrijven. Doe dat niet ongezien. Een AI die 120 beschrijvingen genereert zonder je aanbod te kennen, produceert 120 varianten van hetzelfde algemene zinnetje. Technisch compleet, commercieel waardeloos.
Werk daarom in twee rondes. Laat de lijst en de voorstellen maken, ga daarna zelf langs je twintig belangrijkste pagina’s. De rest mag ruwer. Zo besteed je het zoekwerk uit en houd je het schrijfwerk waar het hoort.
Hoe vaak controleer je dit?
| Moment | Wat je checkt |
|---|---|
| Bij elke nieuwe pagina | Titel, beschrijving, één H1, minstens één interne link erheen |
| Maandelijks | Search Console-meldingen, kapotte links, snelheid op mobiel |
| Per kwartaal | De hele lijst van acht punten |
| Na een redesign of verhuizing | Alles, met prioriteit op noindex, redirects en sitemap |
Die laatste rij is de belangrijkste van het hele artikel. Een nieuwe site is de meest voorkomende manier om in één dag jarenlange vindbaarheid weg te gooien. Lees voor die situatie redesign zonder SEO-verlies.
En de AI-zoekmachines?
Steeds meer mensen zoeken niet meer in Google maar vragen het aan een chatbot. Het goede nieuws: de technische basis hierboven helpt daar ook. Een pagina die niet leesbaar of niet indexeerbaar is, wordt ook niet aangehaald in een AI-antwoord.
Wel komen er dingen bij, zoals duidelijke antwoorden op concrete vragen en herkenbare bronvermelding. Daarover gaat gevonden worden in ChatGPT en Google AI Overviews.
Begin met punt 1 en 4 van deze lijst. Indexeerbaarheid en ontbrekende titels leveren bij de meeste sites direct het meeste op, en ze kosten je een uur.